Andere artikelen

D. Therapeutisch proces

D.1 Behandeling

D.1.1 Fasering, doelen en verrichtingen

D.1.2 Behandelduur en -frequentie

D.1.3 Evidentie behandeling

D.2 Evaluatie

D.3 Afsluiting, verslaglegging, verslaggeving

D.4 Nazorg

D.1.2 Behandelduur en -frequentie

Bij een meniscectomie verschillen behandelduur en -frequentie per patiënt. In deze richtlijn kunnen dan ook slechts globale indicaties voor de behandelduur en -frequentie worden gegeven. Over het algemeen beslaat de totale behandelduur niet meer dan zes weken tot drie maanden. De behandelfrequentie bij een normaal beloop is laag (1 tot 3 behandelingen inclusief het controleconsult).

De behandelfrequentie wordt mede bepaald door specifieke behandeldoelen en problemen, en de leerbaarheid en trainbaarheid van de patiënt. Ook de behandelduur kan zich, afhankelijk van specifieke behandeldoelen over een langere tijd uitstrekken dan bij een normaal herstel.

Bij patiënten met bewegingsangst of patiënten die juist de neiging hebben de geopereerde knie te veel te belasten, is de begeleiding in die eerste fase intensiever met als doel een zo snel mogelijk herstel van adl-activiteiten, bijvoorbeeld door een hogere behandelfrequentie. Bij patiënten met een synoviitis is de behandelfrequentie laag; zij krijgen goede voorlichting en instructie. Tevens krijgen zij adviezen mee over belasting, belastbaarheid en dynamisch bewegen met krukken. In fase 1b neemt in het algemeen de behandelfrequentie ook bij patiënten met een afwijkend beloop af.

In fase 2 controleert de fysiotherapeut alleen op gezette tijden de vorderingen die de patiënt maakt met de thuisoefeningen. Aan de hand hiervan wordt het oefenschema bijgesteld. De werkgroep adviseert om te controleren of uiteindelijk het herstel volledig is geworden, waarbij er vooral aandacht moet zijn voor de kwaliteit van het bewegen en de terugkeer naar het participatieniveau van voor het incident.

Aantal keren bekeken: : 4963