Andere artikelen

B. Diagnostisch proces

B.1 Directe Toegankelijkheid Fysiotherapie (DTF)

B.1.1 Inventarisatie hulpvraag

B.1.2 Screening pluis/niet-pluis

B.1.3 Informeren en adviseren

B.2 Anamnese

B.3 (Aanvullend) onderzoek

B.3.1 Inspectie/observatie en palpatie

B.3.2 Lichamelijk onderzoek

B.3.3 Aanvullend onderzoek

B.4 Meetinstrumenten

B.5 Analyse

B.6 Behandelplan

B.3.3 Aanvullend onderzoek

Bij een vermoeden van een verhoogd valrisico als gevolg van een verminderde spierkracht of balans kunnen de volgende tests worden afgenomen:

  • voor het testen van de beenspierkracht: de Timed Chair Stand Test (TCST);
  • voor het testen van de balans:
    • Performance Oriented Mobility Assessment (POMA);
    • Functional Reach (FR);
    • Timed-Up-and-Go test (TUGT) / Get-Up-and-Go test (GUGT);
    • Berg Balance Scale (BBS).

Indien gewenst kan de fysiotherapeut de volgende aanvullende onderzoeken verrichten:

  • Situatieanalyse, bestaande uit omgevings- en schoeiselcontrole. Patiënten kunnen de veiligheid in en om hun huis zelf controleren met behulp van de checklist ‘Veiligheid en valpreventie in en om het huis’ van de Osteoporose Stichting.
  • Kwaliteit van leven. De Qualitiy of life vragenlijst QUALEFFO kan worden gebruikt om bevindingen te objectiveren en het handelen te evalueren.
  • Relatie belasting-belastbaarheid. De fysiotherapeut test de conditie met behulp van de 6-Minuten wandeltest, de Astrand-fietstest (AF) of een wandeltest met oplopende snelheid.
Aantal keren bekeken: : 7020